Blog: Kindarbeider

Toen mijn oudste broer Oscar een jaar of 16 was, richtte hij de illusionistengroep ‘Magic Unlimited‘ op.
Samen met mijn broer Renzo en hun dansvriendin Mara repeteerde hij dag in – dag uit in de schuur met de illusies.
Ik wilde ook graag helpen, dus ik kreeg (zijnde het jongste broertje) het klusje om de kisten en kasten op te duwen.
Ik was toen nog maar 11 jaar oud.

De illusieshow werd direct een gigantisch succes en de openbare optredens van Magic Unlimited kwamen dan ook snel. Zo ook een optreden in Heerenveen.
De technici op locatie keken me vreemd aan toen ik voorgesteld werd.
“Dit is Steven, de stage-manager van vandaag”.
Ik, een klein mager mannetje dat nog niet eens de baard in de keel had, zwaaide vrolijk.
Je hoorde de technici denken: ‘Dat jongetje kan amper zijn schoenveters strikken! Híj laadt en lost de flightcases? Híj regelt alles bij jullie achter de schermen!? Ja hoor… Dat moet ik nog zien!’

Toch lukte het me, tegen alle verwachtingen in, om alle changementen (en dat zijn er best veel bij een illusieshow) te onthouden en om met veel moeite alle grote, zware kisten op- en af te duwen.
Ik wist het precies: Op dí­e tel van de muziek moet de kist zo snel mogelijk het podium op – hup, op de voorste remmen – snel naar de coulissen om de microfoon op te halen – dan weer terug naar de coulissen – het zwaard ophalen en aangeven -terugrennen, hoepel halen en aangeven etc. etc.
Vol verbazing keek iedereen toe hoe ik deze ingewikkelde show in mijn eentje draaide.
Ik vond het geweldig om te doen.

Twee dagen later werd er bij ons thuis, destijds nog in Bathmen, aangebeld.
Mijn moeder deed de deur open. Het was een meneer van de Kinderbescherming.
“Ik zat twee dagen geleden bij u in de zaal in Heerenveen en ik was compleet ontsteld doordat er een klein jongetje tijdens uw show hard aan het werk was. Mevrouw, weet u wel dat dat kinderarbeid is!?”, zei de man.
Mijn moeder antwoordde verbaasd: “U bedoelt Steven? Maar dit doet hij alleen buiten schooltijd en in het weekend, dit is puur zijn hobby”.
“En toch is dit absoluut verboden”, was het antwoord.

Mijn moeder kwam naar mijn kamer en vertelde mij wat er zojuist gezegd was aan de deur.
Van de Kinderbescherming mocht ik niet meer meedoen met de show.
Ik moest huilen. Ik deed toch niets verkeerd?
En in dit geval heeft het toch niets met kinderarbeid te maken? Het betreft hier toch geen kind dat gedwongen en onder slechte leefomstandigheden wordt uitgebuit?
Ik koos hier toch heel bewust zelf voor? Ik vond het leuk!
Bovendien ging ik toch netjes naar school en deed slechts hobbymatig mee met deze show?!
Nog vele dagen was ik boos en verdrietig.
Ook mijn ouders ging het aan het hart; mijn grootste plezier op dat moment werd zó van mij afgepakt.
Gelukkig besloot mijn vader een oplossing te bedenken.

‘Wat nou als we Steven gewoon wat anders aankleden, zodat hij er ouder uitziet?’,
Iedereen was enthousiast. Niet veel later had ik mijn eigen leren jack, een zwarte zonnebril en een stoer sjaaltje dat ik om mijn nek heen knoopte.
Ik was een soort mini-John Travolta die absoluut niet meer oogde als een jongen van 11.
Sindsdien heb ik probleemloos verder kunnen werken als ‘kindarbeider’.
Een hele blije, gelukkige kindarbeider.