Goochelkunst en Wetenschap

De goochelkunst is al zo oud als de mensheid. Al eeuwen lang worden mensen gefascineerd door op het eerste gezicht onverklaarbare effecten.
In een museum in Berlijn ligt een oude papyrusrol waarop melding wordt gemaakt van het optreden van de magiër Dedi voor Farao Cheops van Egypte, zo´n 2700 jaar vóór onze jaartelling.
Dat is nu dus zo´n 5000 jaar geleden!
Verschillende van Dedi´s trucs worden daarin nauwkeurig beschreven. Nu weten wij dat het goocheltrucs waren maar destijds was men overtuigd dat het wonderen waren!

goochelaar-dedi-column-hans-kazan

Priesters en magiers in onder andere het oude Egypte, maakten de onwetende toeschouwers wijs dat hun wonderen het werk waren van de goden. Uiteraard op hun voorspraak! In werkelijkheid gebruikten zij zorgvuldig geheim gehouden kennis inzake natuurverschijnselen en andere wetenschap om politieke invloed en aards bezit te verwerven.

De verklaringen voor de historische Egyptische wonderen werden eeuwen later onderzocht en  op schrift gesteld door de Griekse geleerde Heron van Alexandrië (geboren 10 jaar N.C.).  Zo was er bijvoorbeeld een tempel waar, nadat de priesters het vuur op het offer-altaar hadden ontstoken, de tempeldeuren door ´de adem van de goden´ werden geopend. Heron legde echter gedetailleerd uit dat samengedrukte lucht onder de brandende offerschaal warm werd en uitzette, waardoor water uit een container, in de verborgen kelder onder het altaar,  overliep in een emmer. Die langzaam zwaarder wordende emmer hing aan een touw dat over een katrol liep en zo een as in beweging zette, waardoor de deuren zich openden.

Met de voortschrijdende ontwikkeling van de techniek, ging ook de ontwikkeling van de goochelkunst vooruit. Er was zelfs sprake van wederzijdse beïnvloeding.
Zo werd bij enkele goocheltrucs van de Italiaanse goochelaar Pinetti (1750-1800) elektrische stroom toegepast, lang voordat de wetenschap het bestaan van deze elektriciteit praktisch wist te benutten!

Pinetti liet een ijzeren bal over een tafel rollen om hiermee vragen van toeschouwers, zogenaamd door geesten, te laten beantwoorden. Hij had daartoe op slimme wijze een electro-magneet in de tafel ingebouwd.
De toverlantaren (het woord geeft al aan dat apparaat oorspronkelijk door goochelaars werd gebruikt) was rond 1830 de voorloper van de hedendaagse filmprojectie. In de begintijd werd met behulp van deze eenvoudige projector, bestaande uit een kastje met een lens, een brandende kaars en een roetplaatje met ingekraste afbeelding op een wit vlak of op rook geprojecteerd. Zo verschenen er voor het verbaasde publiek geesten “uit het niets”. Bij het grote publiek was de werking van de toverlantaren  niet bekend en dus werd de magische projectie destijds gezien als een wonder!

pinetti-goochelaar-column-hans-kazan

Goochelen werd pas later tot puur entertainment verheven door de Fransman Jean Eugène Robert-Houdin (1805-1871). Als voormalig horlogemaker was Rober-Houdin gefascineerd door mechanische hulpmiddelen die voor verschillende goocheltoepassingen geschikt waren.  Na vele jaren vol succesvolle optredens, onder andere in zijn eigen theater in Parijs, trok Robert-Houdin zich terug om zich te wijden aan wetenschap en natuurverschijnselen.

De tijd dat de goochelkunst de ontwikkeling van de wetenschap stimuleerde is al lang voorbij.  De goochelwereld blijft echter de nieuwe technische uitvindingen op de voet volgen. Creatieve goochelaars gebruiken inmiddels de meest uiteenlopende technische snufjes om mysterieuze effecten te realiseren. Albert Einstein heeft het zo mooi gezegd: Logica brengt je van A naar B. Verbeelding brengt je overal!

 

Groet, Hans Kazàn